God is een God die redt en herstelt.
Nadat Jozef als onderkoning de leiding had over Egypte kwam er een nieuwe farao aan de macht, die Jozef al snel was vergeten. Hoewel God Abraham had beloofd dat zijn familie zo talrijk zou worden als het zand aan de zee en veilig in het land Kanaän zou wonen, waren de Israëlieten inmiddels groot in aantal, maar ook slaven geworden van de nieuwe farao.
Het volk riep tot God om bevrijding en God riep een man: Mozes. Hoe zijn leven begon was net zo bijzonder als zijn roeping.
Vanaf het moment dat Mozes als baby in een mandje aan de dood ontsnapte tot aan het moment dat het volk op de vlucht moest voor de farao, was God voortdurend bezig Zijn volk te redden. Het bijbelboek Exodus vertelt hoe God door het leven van Mozes heen werkt en hoe Hij het volk Israël leidde uit de slavernij in Egypte richting het Beloofde Land.
Als Gods uitverkoren volk gingen de Israëlieten een verbond met Hem aan. Ze zouden volgens Zijn richtlijnen leven om anderen te laten zien hoe een heilig leven eruitziet. Hoewel het volk vaak tekortschoot in het nakomen van het verbond, was Gods genade overvloedig aanwezig. Hij bleef voor Israël zorgen, hen beschermen en leiden terwijl Hij onder hen woonde.
Steeds weer liet God zien dat Hij groter is dan alles en dat Hij de Enige is die we zouden moeten aanbidden. Hij is trouw in het nakomen van Zijn beloften. Hem volgen leidt tot leven en bloei.
Het leven van vandaag de dag lijkt misschien ver verwijderd van de wonderen die we in Exodus lezen, maar God is vandaag nog steeds dezelfde als toen. Hij redt en herstelt nog steeds gebroken mensen en brengt hen terug in een relatie met Hem. Exodus laat Gods reddende kracht zien, maar wijst ook vooruit naar de grootste redding die nog zou komen. Vandaag mogen wij leven in de vrijheid en genade van Jezus Christus, onze Ware Redder.





